De laatste 36 uur van mijn vaders leven

7 februari 2010

Vorige week zaterdag (30 januari j.l.) stond het satirische VARA-programma “Van Zon op Zaterdag” in het teken van het geloof. Het werd afgesloten met het opzwepende lied “Geef me hoop”. Daarin werd allerlei menselijk leed opgesomd en de conclusie getrokken:

Er is niks. Nee geen God, helemaal niks.
Er is echt niks, nul komma niks!

(overigens: wie niet tegen vloeken kan, kan het beter niet tot het einde beluisteren).

Niet genezen
Een stukje uit dat lied:

Als je met knetterende tumoren door een catscan schuift …

Erg grof gezegd, maar dit was de bittere realiteit voor mijn vader, nu een klein jaar geleden. Longkanker. Waarom laat God zoiets verschrikkelijks toe? En waarom reageert Hij niet op gebeden om genezing? Ja, ik heb gebeden voor mijn vaders genezing; ook al wist ik dat dat menselijkerwijs, medisch gezien, niet mogelijk was. En het is inderdaad niet gebeurd.

Ik heb gevloekt en getierd, heb op het punt gestaan het geloofsbijltje er helemaal bij neer te gooien. Maar God wegverklaren, bood geen oplossing. De simpele maar moeilijke conclusie was, dat er geen oplossing wás. Niet één zoals ik die graag zag.

Nee, God heeft mijn vader niet genezen; dat gebed is niet verhoord. Wel kreeg ik een andere gebedsverhoring, maar op een manier zoals vantevoren niet voor te stellen was.

Een verschrikkelijke nacht
Na de periode rond de jaarwisseling in het ziekenhuis doorgebracht te hebben, was mijn vader naar huis teruggekeerd om te sterven. Hoe lang het precies zou duren, was moeilijk te zeggen. Maar langzamerhand werden zijn benauwdheidsklachten erger, ondanks de palliatieve zorg die hem ter beschikking stond (o.a. zuurstof en medicijnen). Vooral als hij sliep, waarbij hij door zijn mond ademde (zodat hij minder extra zuurstof binnenkreeg) en het slijm zich in zijn luchtpijp ophoopte, kreeg hij het moeilijk.

Op maandagavond 11 januari waren mijn vriend en ik naar mijn ouderlijk huis gegaan. Mijn moeder sliep in de woonkamer naast het bed van mijn vader, en wij sliepen in een andere kamer. Die nacht om half drie trommelde ze mij uit bed. Mijn vader had een benauwdheidsaanval zoals nooit tevoren! In paniek om zich heenmaaiend was hij wakker geworden, snakkend naar adem. Samen deden we wat we konden om hem te helpen. We schroefden de zuurstoftoevoer op en gaven hem medicijnen om in te ademen. Gelukkig kon hij daardoor weer wat meer adem krijgen en zijn paniek verdween.

Maar nu wilde hij echt niet meer gaan slapen, want hoe zou hij dán wakker worden?! Door de verhoogde zuurstoftoevoer werd hij suf, en viel toch weer in slaap. Mijn moeder – compleet óp door wekenlang gebroken nachten – was ook weer in slaap gevallen. Ik zette de zuurstof terug op het normale niveau. Daarna zat ik klaarwakker op een stoel naast mijn ouders, luisterend naar het gereutel van mijn vaders ademhaling. “God, mijn Heer!”, bad ik in een geluidloze schreeuw, “Dit is verschrikkelijk! Alstubliéft, neem hem toch tot U, wacht niet langer meer!”

Nog geen kwartier later werd mijn vader weer hijgend wakker. Niet zo erg als die eerste keer, maar nee, dit was echt niet meer te doen. Ik belde de huisartsenpost en een tijdje later kwam de dienstdoend arts. Hij gaf een injectie en een drankje om de klachten van mijn vader enigszins te verminderen. Maar hij was ook heel eerlijk: heel veel meer kon er niet meer aan gedaan worden. Het onvermijdelijke moment was nabij. Hij moest nu toch serieus aan palliatieve sedatie gaan denken, het kunstmatig in slaap gehouden worden om de benauwdheid niet meer te hoeven ervaren. “Ja, maar eerst afscheid.” zei mijn vader toen.

Dag van afscheid
Vroeg die ochtend, dinsdag 12 januari, belde ik mijn broers op en vroeg hen samen met mijn schoonzussen te komen. De huisarts kwam ook langs. Hij en mijn ouders praatten uitgebreider over de opties, o.a. palliatieve sedatie. Mijn vader wilde eerst nog zijn broers, zus, zwagers en schoonzussen zien. We belden al onze ooms en tantes op. Mijn vader ontving hen die dag en was aan de lopende band in gesprek. Omdat hij tussendoor niet sliep, kon hij tamelijk goed ademen. Alhoewel hij ontzettend moe was, kon hij iedereen goed te woord staan. Vanzelfsprekend was dit een enorm emotioneel gebeuren.

Tegen het vallen van de avond vertrok de laatste familie. We bleven achter met het eigen gezin; de sfeer was gelaten. De pastoraal werkster kwam langs en had een gesprek met mijn ouders onder zes ogen. Toen ze weg was, ging ik even bij mijn vader zitten. “Aan de andere kant staat er Iemand op me te wachten”, zei hij. “Ja pa,” zei ik met tranen in mijn ogen, “ja, Hij wacht daar op je!”.

De huisarts was gebeld en kwam rond half negen. Na nog een gesprek over de mogelijkheden koos mijn vader nu expliciet voor palliatieve sedatie. Wat een enorme moed is ervoor nodig om, zélf en in alle bewustzijn, zo’n beslissing te maken! De ultieme vrije wil! Ik dankte in stilte God, dat mijn vader zo’n moedig besluit had durven nemen en dat zijn leed nu spoedig voorbij zou zijn. Hij zou blijven leven, maar diep in slaap, zodat hij van zijn benauwdheid niets meer merkte. Zijn longfunctie was al zo ver afgenomen, dat het daarna waarschijnlijk niet heel lang meer zou duren voordat hij zou overlijden.

Het einde
Was het afscheid van de familie die dag al emotioneel geweest … nu kwam daarbij nog het afscheid van het eigen gezin. Hierover kan ik onmogelijk iets opschrijven. Dat is te heftig, te intiem. Alleen dat ik het echt nooit zal vergeten en dat het ongelofelijk is dat zóiets überhaupt bestaat! “Het is goed zo” … dat heeft mijn moeder hem gezegd en later als tekst op het lint van een bloemenkrans laten zetten (en alleen vanwege dat laatste schrijf ik het hier ook op). Het kon absoluut niet beter zo, zou ik er nu aan toe willen voegen. Afgezien dan van de enorm moeilijke beslissing die mijn vader heeft moeten nemen; iets wat je absoluut niemand toewenst.

De dokter reikte mijn vader na dit afscheid nog een glaasje water aan, want hij had dorst. Daarna bracht hij hem met een injectie in slaap. Het was een heel andere slaap dan die van de nacht ervoor; veel rustiger en dieper. Er werd bij hem gewaakt. Vanwege de korte nacht die ik zelf daarvoor had gehad, was ik niet ingedeeld bij de waakploeg. De volgende dag, 13 januari om kwart voor negen, kwam mijn broer mij en mijn vriend uit bed halen. “Nu is het zo voorbij!”. We haastten ons naar mijn vader toe. Hij was al opgehouden met ademen. Zijn pols was er nog, heel zwak. Nog even een klein zuchtje .. en toen was hij echt weg. Er was een vredige trek over zijn gezicht gekomen.

Mijn noodkreet van een goed etmaal daarvoor was verhoord. Het was volbracht.

In het leed
Op Haïti stond inmiddels de wereld op zijn kop. Vele tientallen duizenden mensen lagen er levend of dood onder het puin. Pas een dag na de aardbeving las ik het op teletekst; beelden wilde ik toen nog niet zien.

Nog een fragment uit het lied in “Van Zon op Zaterdag”:

Wil je weten of God echt bestaat…
Ga dan eens langs in Port-au-Prince of Tsjaad.
Er is niks. Nee geen God, helemaal niks!

De gemiddelde Haïtiaan, hoe hard hij ook getroffen is, zou je waarschijnlijk verbijsterd aankijken bij de suggestie alleen al. God is daar veel reëler aanwezig dan hier in ons rijke kikkerlandje, waar voor velen het grootste probleem is, dat je een paar uur in de file staat vanwege een fikse sneeuwbui. Juist in het leed laat Hij Zich kennen.

Ja, dat is een boude stelling. Toch durf ik dit te zeggen, omdat ik Gods aanwezigheid zelden sterker heb ervaren dan in de laatste dagen van mijn vaders leven. En dit staat niet op zichzelf; het geldt niet alleen als een Nederlander vredig in zijn bed sterft. De afgelopen weken zijn er ook regelmatig getuigenissen op de TV geweest van Haïtianen die Hem in hun diepe ellende ervaren hebben.

Als ik zeg: ‘Laat het stikdonker mij omringen
en laat het licht om mij heen in nacht veranderen’,
dan is het donker niet donker voor U:
als de dag zou de nacht oplichten,
want donker en licht zijn gelijk voor U.

(Psalm 139:11-12)

Gek
Ik snap niets van leed, en ik snap niets van het waarom. Maar ik vind het echt te simpel om God dan maar weg te redeneren, vanwege je eigen onbegrip. Hoe gek is het om na deze gebeurtenissen te geloven in een God die als mens heeft geleden; die in feite aan het kruis gestikt is (want dat is de uiteindelijke doodsoorzaak bij kruisiging). Nota bene na de woorden “Ik heb dorst” …

En gek of niet; het is kattekliek.

Geplaatst met toestemming van mijn moeder.

Zie ook Parallelweg


Het evenwicht tussen regels en geweten

1 februari 2010

Het rouwproces na het overlijden van mijn vader maakt ook andere dingen los. Over één van deze dingen had ik afgelopen vrijdag een gesprek met mijn spirituaal (geestelijk begeleider). Namelijk over de spanning tussen het volgen van de kerkelijke regels en mijn eigen geweten. Hier het verslag van de reis en het gesprek, die op wonderbaarlijke wijze op elkaar aansloten.

Een glibberige tocht
Ik stapte op de fiets naar het station. Die dag had het veel geregend, en het was ‘s avonds weer gaan vriezen. De weg blonk vervaarlijk. Ik trok me daar niet veel van aan; met al dat vriesweer en die sneeuw van de laatste tijd was gladheid al normaal geworden. Uit gewoonte zette ik er flink de vaart in. Toen mijn achterwiel wegslipte, schrok ik echter. Mmm, misschien toch maar wat voorzichtiger aan … Dat bleek een juiste beslissing. Verderop was de weg één grote ijsbaan, spiegelglad! Zelfs voetgangers glibberden voort, soms met zwaaiende armen om hun evenwicht niet te verliezen.

Gelukkig was ik ruim op tijd vertrokken. Zo kon ik behoedzaam fietsen, zodat ik heelhuids op het station kwam en toch mijn trein haalde. Na een voorspoedige treinreis liep ik richting de uitgang van het aankomststation. Mijn spirituaal kwam me al tegemoet. We liepen de stad in en zochten een restaurant op. Daar hadden we ons gesprek, onder genot van een hapje en drankje (alcoholvrij; daarover later meer).

Een les uit het zenboeddhisme
Hij begon met het volgende verhaal: Een Japanse zenmonnik woonde aan de voet van de Fuji. Op een dag kwam iemand zich aanmelden als zijn leerling. De monnik stemde hiermee in. Toen de leerling er een jaar was, nam de monnik hem naar buiten, wees naar de berg en vroeg: “Wat zie je?”. “Een berg,” antwoordde zijn leerling. De leraar pakte een stok en gaf hem een afranseling. Na nog een jaar onderricht nam de zenmonnik de leerling weer mee naar buiten en vroeg: “Wat zie je?”. Nu begon de leerling een uitgebreide filosofische en esoterische beschouwing over wat hij voor zich zag. Toen hij eindelijk klaar was, nam zijn leraar wederom een stok en ranselde hem bont en blauw. Nog een jaar later bracht de monnik zijn leerling weer naar buiten, en vroeg voor de derde maal: “Wat zie je?”. De leerling antwoordde: “Een berg”. “Inderdaad,” zei de monnik, en ze gingen weer naar binnen.

Verschillende omgang met de regels
De meesten zien de regels van de Kerk als een set door mensen verzonnen regels, waar ze zich niets aan gelegen laten liggen. Sommige ervan volgen ze, andere niet, en ze maken zich hier niet druk om. Dat is te vergelijken met de zenleerling na zijn eerste jaar. Een berg is een berg … nou en!

Voor bepaalde mensen spelen de regels een grote rol. Ze volgen de regels om de regels zelf. Daar weten ze meestal ook nog wel ’n mooi verhaal om te verzinnen (wie het niet gelooft, moet bepaalde oudere entries op dit blog maar lezen). Wat in ieder geval niet kan, is een regel laten vallen. Dit is vergelijkbaar met het wollige, filosofische relaas van de zenleerling na zijn tweede jaar.

Anderen zien de regels en begrijpen waarom ze er zijn. Ze houden zich aan sommige wel; aan andere niet. Daar voelen ze zich – al zien ze dus de reden voor alle regels goed in – niet slecht of schuldig over. Ze volgen hun eigen geweten, dat door de Kerk is gevormd, maar dat niet in een ijzeren stramien van kerkelijke regels vastzit. Zo is de zenleerling die na drie jaar de berg ziet voor wat die werkelijk is; niet meer oppervlakkig, maar toch zonder dat het zin heeft er enorm over uit te weiden.

Geleidelijke overgang
Ik ben in het proces om van het strak volgen van de regels over te gaan naar een soepeler omgang hiermee, vanuit mijn eigen geweten. Op sommige gebieden, zoals het vasten, vind ik het geen probleem om e.e.a. wat losser te doen. Ik voel me hier niet schuldig over. Het is ook niet dat ik alles maar plompverloren laat vallen; ik drink bijvoorbeeld nog steeds geen alcohol op vrijdag. Maar elke vrijdag rijst met bonen, en taart weigeren op een feestje in de Veertigdagentijd, dat is verleden tijd. Op andere gebieden zit ik nog wel vast aan een letterlijke interpretatie en navolging van de regels, uit angst om het fout te doen en daarvoor gestraft te worden. Dit gaat vooral over dingen die objectief gezien een doodzonde zijn, bijvoorbeeld niet naar de Mis gaan op zaterdagavond of zondag.

Het heeft weinig zin om opzettelijk een doodzonde te begaan in een poging wat losser van de regels te komen. Want zie ik dan nog wat doel is en wat middel? En als ik daarna – wat ik nu wel zou denken – direct naar een priester ren om het op te biechten, dan werkt het eerder averechts. Zoals ik bezig ben, is het goed. Frustrerend voor mezelf bij onderwerpen waarbij ik de overstap nog niet gemaakt heb. Maar bevrijdend bij die onderwerpen waarbij ik de stap al wel heb gezet. Daardoor begrijp ik het principe ook, en kan ik erop vertrouwen dat het te Zijner tijd ook zo zal lopen voor de nu nog lastige onderwerpen. Het hoeft niet allemaal tegelijk, het is beter de tijd te nemen.

Gezonder
We rondden het gesprek af, betaalden en verlieten het restaurant. Samen liepen we richting station en daar namen we afscheid. Ik stapte in de trein en een goed uur later was ik weer in mijn woonplaats. Nu nog naar huis fietsen … Wijzer geworden door de heenreis en door het gesprek, besloot ik het nu anders te doen. Ik nam een omweg, langs straten met veel verkeer en waar goed gestrooid was. Dat ging goed. Maar dichtbij huis naderde ik een rotonde, en op het fietspad daar was weer die mooie en gevaarlijke glinstering. Een fractie van een seconde twijfelde ik; toen reed ik het weggedeelte voor de auto’s op. Dat was zout en schoon, en zo kwam ik veilig driekwart-rond. Soms is het gezonder om de regels – hoe nuttig ook – even te laten voor wat ze zijn … Een minuutje later was ik thuis, zonder kleerscheuren!


Parallelweg

22 januari 2010

Ach, zie toch hoe ik verkwijn,
langzaam in het Niets verdwijn.
Het grijpt me bij de keel.
Benauwd, paniek, dit wordt te veel!

God, waar zijt Gij? Wat of Wie?
Zeker niets dan fantasie?
De zinloosheid ten top.
Verd…., machteloosheid, stop!

Is er dan niet Eén die redt,
in mijn lijden op mij let?
Het einde wordt begin!
Een afscheid, maar niet zonder zin.

Jezus, U past geen verwijt;
aan het kruis hebt Gij bevrijd.
Beëindig nu dit leed,
Gij die van alle lijden weet.

Mij dorst
Stilte …
Ochtendgloren!

Slaap zacht
Duizeling …
Vrede!


‘Kattekliek’ nieuwe stijl (2)

19 januari 2010

De laatste maand is er – mede vanwege de ziekte en het overlijden van mijn vader – zeer weinig gepost op dit blog. Sinds de aankondiging van ‘kattekliek nieuwe stijl’, begin december, heb ik ook veel getwijfeld: wat wil ik nu eigenlijk met dit blog? Zelfs helemaal stoppen was nog een optie. Maar daarmee zou ik een groep trouwe lezers teleurstellen, en het is ook een uitlaatklep voor mijzelf. Daarom ga ik wél door. Echter, op een andere manier.

Vanaf heden komen er geen opiniestukken meer en ook geen theologisch getinte, theoretische stukken. Enkele series – o.a. die over reïncarnatie en die over milieuvriendelijke anticonceptie en abortus – zal ik niet meer afmaken. Ook op oudere stukken worden nog wel eens (soms erg kwetsende) reacties geplaatst. Ik wil geen discussies meer, daarom zal de reactiemogelijkheid op dat soort stukken dichtgaan.

Wat is hier dan nog wel te vinden? Vanaf nu zullen er enkel dingen gepost worden die direct te maken hebben met mijn eigen geloofsbeleving – van het soort wat tot nu toe in de categorie ‘persoonlijk getuigenis’ heeft gestaan. De komende tijd zal het waarschijnlijk veel gaan over wat er de laatste tijd met mijn vader heeft gespeeld. Hierover valt er nog heel wat van me af te schrijven en mogelijk helpt het ook anderen die in dezelfde situatie verkeren, met een ernstig zieke of pas overleden naaste.

‘Kattekliek’ had tot op heden als ondertitel ‘Kerk en samenleving door een vrijmoedig-orthodoxe bril’. Dat dekt nu niet meer de lading. Daarom komt er een nieuwe ondertitel: ‘Momenten uit een Eucharistisch leven’. Juist in de afgelopen, moeilijke tijd heb ik ervaren wat dat betekent: ten diepste leven vanuit dankbaarheid en vanuit de Eucharistie (wat Grieks is voor ‘dankzegging’). Ik struikel vaak op die weg, maar door Gods genade mag ik ook altijd weer opstaan. Daarom leek me dit een gepaste ondertitel.

Tot spoedig blogs!


Rust zacht, pa

16 januari 2010

1 november 1937 – 13 januari 2010

Brooke Fraser – Shadowfeet

Walking, stumbling on these shadowfeet,
toward home, a land that I’ve never seen
I am changing, less and less asleep,
made of different stuff than when I began
And I have sensed it all along,
fast approaching is the day

[CHORUS]
When the world has fallen out from under me
I’ll be found in You, still standing
When the sky rolls up and mountains fall on their knees,
when time and space are through
I’ll be found in You

There’s distraction buzzing in my head,
saying in the shadows it’s easier to stay
But I’ve heard rumours of true reality,
whispers of a well-lit way

[CHORUS]

You make all things new
You make all things new
You make all things new
You make all things
You make all things

[CHORUS 2]
When the world has fallen out from under me,
I’ll be found in You, still standing,
every fear and accusation under my feet
When time and space are through
I’ll be found in You
When time and space are through
I’ll be found in You
When time and space are through
I’ll be found in You


Voorlopig geen ‘kattekliek’

8 januari 2010

Vanwege familieomstandigheden zal ik in de komende tijd niet bloggen.


Wens voor het nieuwe jaar

31 december 2009

Nog een Zweeds lied, net op de valreep van 2009. Mogen alle lezers van dit blog zo in Zijn handen geborgen zijn, ook in het komende jaar!

Gud i dina händer

God in Uw handen

Gud i dina händer vilar jag i tro, vilar i din värme och din ro.
Varje brustet hjärta, varje skadad själ famnar du i nåd och gör den hel.
Nära vill jag leva, nära dig min Gud, i din omsorg finner själen ro.
Nära vill jag leva, nära dig, min Gud, i din kärlek kan min kärlek gro.

God, in Uw handen rust ik in geloof, ik rust in Uw warmte en Uw stilte
Elk gebroken hart, elke beschadigde ziel omhelst U in genade en maakt haar heel
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw zorg vindt mijn ziel rust
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw liefde kan mijn liefde ontkiemen

Gud i dina händer vilar jag i bön, växer glädjens tro och hoppets frön.
Du har oss försonat: Jesu Kristi död räddar oss till liv i överflöd.
Nära vill jag leva, nära dig min Gud, i din omsorg finner själen ro.
Nära vill jag leva, nära dig, min Gud, i din kärlek kan min kärlek gro.

God, in Uw handen rust ik in gebed, daar groeien het vreugdevolle geloof en het zaad van de hoop.
U heeft ons verzoend: de dood van Jezus Christus redt ons tot leven in overvloed.
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw zorg vindt mijn ziel rust
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw liefde kan mijn liefde ontkiemen.

Gud i dina händer får jag gråta ut, gråten delar du tills den tar slut.
Gud, du känner ondskan i din egen kropp. Att du delar smärtan ger mig hopp.
Nära vill jag leva, nära dig min Gud, i din omsorg finner själen ro.
Nära vill jag leva, nära dig, min Gud, i din kärlek kan min kärlek gro.

God, in Uw handen mag ik uithuilen, U deelt mijn tranen totdat ze op zijn.
God, U voelt het kwaad in Uw eigen lichaam. Dat U de pijn deelt, geeft mij hoop
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw zorg vindt mijn ziel rust
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw liefde kan mijn liefde ontkiemen.

Gud i dina händer lägger jag mig ned. När jag går till vila är du med.
Dina händer bär mig genom rum och tid. Jag förblir i ljuset i din frid.
Nära vill jag leva, nära dig min Gud, i din omsorg finner själen ro.
Nära vill jag leva, nära dig, min Gud, i din kärlek kan min kärlek gro.

God, in Uw handen leg ik mij neer. Wanneer ik ga rusten, bent U daar.
Uw handen dragen mij door ruimte en tijd. Ik blijf in het licht, in Uw vrede.
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw zorg vindt mijn ziel rust
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw liefde kan mijn liefde ontkiemen.

God, in Uw handen leg ik mij neer.
Wanneer ik ga rusten, bent U daar.
Uw handen dragen mij door ruimte en tijd.
Ik blijf in het licht, in Uw vrede.
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw  zorg vindt mijn ziel rust
Dichtbij U wil ik leven, mijn God, in Uw liefde kan mijn liefde ontkiemen.


Heerlijk is de aarde, heerlijk is Gods hemel

26 december 2009

Nog een kerstlied, maar dan van een geheel ander soort! Dit lied wordt in Scandinavië veel gezongen bij uitvaarten. Van oorsprong is het echter bedoeld als kerstlied (dat is vooral terug te zien in het laatste couplet).

Er bestaan een Deense, een Noorse en een Zweedse versie. Dit is de Zweedse. In de prachtige film ‘Så som i himmelen‘ (‘As it is in heaven’) wordt dit lied ook gezongen.

Härlig är jorden

Härlig är jorden,
härlig är Guds himmel,
skön är själarnas pilgrimsgång.
Genom de fagra
riken på jorden
gå vi till paradis med sång.

Heerlijk is de aarde,
heerlijk is Gods hemel,
mooi is de pelgrimstocht van de zielen.
Mogen we
door de fraaie koninkrijken van de aarde
naar het paradijs gaan met zang.

Tidevarv komma,
tidevarv försvinna,
släkten följa släktens gång.
Aldrig förstummas
tonen från himlen
i själens glada pilgrimssång.

Tijdperken komen,
tijdperken gaan,
geslacht volgt op geslacht.
Nooit verstomt
de toon uit de hemel
in de blijde pelgrimszang van de ziel.

Änglar den sjöngo
först för markens herdar,
skönt från själ till själ det ljöd:
Människa, gläd dig,
Frälsarn är kommen,
frid över jorden Herren bjöd.

De engelen zongen het,
eerst voor de herders in het veld,
prachtig klonk het van ziel tot ziel:
oh mens, verheug u,
de Heiland is gekomen,
vrede op aarde heeft de Heer geboden


Maria, wist je …

25 december 2009

Dit is ongetwijfeld één van de mooiste kerstliederen die ik ken!  :)   M.n. dat Jezus volledig God en volledig mens is, komt er zo prachtig in uit … echt kippenvel!

Wel met een kanttekening erbij: er zit helaas een kleine theologisch oneffenheid in. Om dat uit te leggen, grijp ik even terug op een hoogfeest wat we onlangs hebben gevierd: dat van de onbevlekte ontvangenis van Maria (8 december). Dit heeft niets te maken met de maagdelijke geboorte van Jezus, maar met het ontstaan (de conceptie) van Maria zelf. Ze is bevrijd door haar Zoon, maar heeft niet – zoals alle anderen – hoeven wachten tot Zijn kruisdood op Golgotha. God staat buiten ruimte en tijd en heeft haar al vanaf het begin door Zijn Zoon gevrijwaard van de erfzonde. Daardoor kon ze een volmaakte moeder zijn voor haar goddelijke Zoon. Ook was Maria de eerste mens die door Jezus is verlost, de nieuwe Eva. En nu neemt ze ons aan de hand om haar te volgen naar haar Zoon.

In het lied wordt gesproken over dat Maria verlost zál worden door Jezus. Dat klopt dus niet vanuit katholiek oogpunt; het was immers al gebeurd. Blijkbaar is de tekst door een protestant geschreven; die erkennen namelijk niet de onbevlekte ontvangenis. Een betere tekst zou zijn “Did you know that your baby boy has come to make us new? This child that you’ve delivered, has delivered you”. Wel jammer, maar de rest is gewoon té mooi om het daarom achterwege te laten.

Geniet ervan! :)

Mark Lowery – Mary did you know

Mary, did you know
That your baby boy
Would someday walk on water?
Mary did you know
That your baby boy
Will save our sons and daughters?
Did you know
That your baby boy
Has come to make you new?
This child that you’ve delivered
Will soon deliver you.

Mary did you know
That your baby boy
Will give sight to a blind man?
Mary did you know
That your baby boy
Will calm the storm with His hand?
Did you know that your baby boy
Has walked where angels trod?
When you kiss your little baby
You’ve kissed the face of God.

Mary did you know
Did you know
The blind will see
The deaf will hear
The dead will live again
The lame will leap
The dumb will speak
The praises of the Lamb

Mary did you know
That your baby boy
Is Lord of all creation?
Mary did you know
That your baby boy
Will one day rule the nations?
Did you know
That your baby boy
Is heaven’s perfect Lamb?
This sleeping child you’re holding
Is the Great I AM


Kerstwens

24 december 2009

Aan alle lezers van ‘kattekliek’,

Veel devotie en bezinning in deze kersttijd, en natuurlijk ook veel plezier, gezelligheid en ontspanning toegewenst in de komende weken! Moge eenieders feestvreugde mateloos en de bijbehorende calorie-opname met mate zijn ;)

Momenteel staat het blog even op een laag pitje. In de komende dagen mogen jullie wat muzikale bijdrages verwachten, en in het nieuwe jaar pik ik de katteklieke draad weer op.