Onlangs was ik in gesprek met een gereformeerde broeder in Christus (die toevallig ook mijn verloofde is
). Hij is een lezingenserie over calvinisme aan het beluisteren. Naar aanleiding daarvan spraken we over het al dan niet bestaan van dubbele predestinatie, de vrije wil e.d. De katholieke Kerk wijst het bestaan van dat eerste af en leert het bestaan van het tweede; volgens het calvinisme is dat juist andersom.
Verfrissende inzichten
Dit zijn weliswaar theologisch gezien hete hangijzers, maar voor de invulling van ons leven van alledag spelen ze geen rol. Eventueel te verwachten huwelijkse perikelen zullen eerder over dingen als geld, kinderen of voor mijn part over zoiets ordinairs als rondslingerende sokken gaan. Oftewel: de ‘gewone’ dingen.
Blijft het evenwel interessant om met elkaar te ‘sparren’ op dit gebied. Enerzijds om elkaars geloof beter te leren kennen en begrijpen. En anderzijds omdat het ook verfrissende inzichten over ons eigen geloof kan geven.
Beperkingen
Volgens de katholieke Kerk heb je Gods genade nodig om tot Hem te kunnen komen. Met alleen je vrije wil gaat dat niet. Je kunt niet zelf de keuze voor een relatie met God maken, als je Zijn genade niet hebt.
Maar nu was het punt, zo zei mijn vriend: hoe kan de wil vrij zijn, als zij alleen niet voldoende is om te kunnen kiezen voor God? Hoe vrij is de menselijke wil dan eigenlijk als je daarvoor éérst Zijn genade moet krijgen? Dan is die zogenaamde vrije wil toch onderhevig aan beperkingen? Een goede vraag … en ik had er op dat moment eerlijk gezegd ook geen antwoord op.
Op de fiets
Dat was enkele weken geleden. In de tussentijd hebben we het er niet meer over gehad. Maar vannacht kreeg ik onverwacht een antwoord op deze vraag.
In een droom was ik zelf een lezing over het onderwerp aan het geven. Ik stond voor een enorm grote, bomvolle collegezaal. Dezelfde vraag over de beperking van de vrije wil werd daar gesteld door één van de toehoorders.
“OK,” zei ik, “stel je voor dat ik een fiets heb. Deze collegezaal is enorm groot, ik zou hier rond kunnen gaan fietsen. En ik kan fietsen waar ik maar wil, binnen de zaal. Mijn keuze daarin is vrij. Echter, stel nu dat de deur op slot zit. Ik kan, met mijn vrije ‘fietswil’ dan níet buiten de zaal komen. Totdat iemand de deur van buitenaf opendoet. Dan kan ik naar buiten en ook dáár rondfietsen waar ik zelf wil. Ik kan ook weer terug de zaal ingaan, aangezien die deur niet opnieuw afgesloten wordt.”
Logica
In principe is de wil niet minder vrij doordat keuzemogelijkheden beperkt worden. Zolang alle beschíkbare keuzes maar echt gemaakt kunnen en mogen worden. De wil is vrij binnen de grenzen van de logica. Als de deur van de collegezaal in bovengenoemde droom gesloten is, kan ik er vanzelfsprekend niet dwarsdoorheen fietsen. Als hij op slot is, kan ik ook niet afstappen om hem even te openen. Dat is logisch.
Dat Gods genade nodig is om voor Hem te kunnen kiezen, is niet noodzakelijkerwijs in tegenspraak met het bestaan van de vrije wil. Zijn genade is die deur die opengaat en de keuzemogelijkheden uitbreidt. Maar die genade dwingt nooit, we blijven vrij om voor of tegen Hem te kiezen.
Zo spreekt de Heilige, de waarachtige, die de sleutel van David heeft, die opent zonder dat iemand sluit, die sluit zonder dat iemand opent: Ik ken uw daden. Zie, Ik heb voor u een deur opengezet die niemand kan sluiten.
(Op. 3:7-8a)
Onlangs was ik in gesprek met een gereformeerde broeder in Christus (die toevallig ook mijn verloofde is
). Hij is een lezingenserie over calvinisme aan het beluisteren. Naar aanleiding daarvan spraken we over het al dan niet bestaan van dubbele predestinatie, de vrije wil e.d. De katholieke Kerk wijst het bestaan van dat eerste af en leert het bestaan van het tweede; volgens het calvinisme is dat juist andersom.
Verfrissende inzichten
Dit zijn weliswaar theologisch gezien hete hangijzers, maar voor de invulling van ons leven van alledag spelen ze geen rol. Eventueel te verwachten huwelijkse perikelen zullen eerder over dingen als geld, kinderen of voor mijn part over zoiets ordinairs als rondslingerende sokken gaan. Oftewel: de ‘gewone’ dingen.
Blijft het evenwel interessant om met elkaar te ‘sparren’ op dit gebied. Enerzijds om elkaars geloof beter te leren kennen en begrijpen. En anderzijds omdat het ook verfrissende inzichten over ons eigen geloof kan geven.
Beperkingen
Volgens de katholieke Kerk heb je Gods genade nodig om tot Hem te kunnen komen. Met alleen je vrije wil gaat dat niet. Je kunt niet zelf de keuze voor een relatie met God maken, als je Zijn genade niet hebt.
Maar nu was het punt, zo zei mijn vriend: hoe kan de wil vrij zijn, als zij alleen niet voldoende is om te kunnen kiezen voor God? Hoe vrij is de menselijke wil dan eigenlijk als je daarvoor éérst Zijn genade moet krijgen? Dan is die zogenaamde vrije wil toch onderhevig aan beperkingen? Een goede vraag … en ik had er op dat moment eerlijk gezegd ook geen antwoord op.
Op de fiets
Dat was enkele weken geleden. In de tussentijd hebben we het er niet meer over gehad. Maar vannacht kreeg ik onverwacht een antwoord op deze vraag.
In een droom was ik zelf een lezing over het onderwerp aan het geven. Ik stond voor een enorm grote, bomvolle collegezaal. Dezelfde vraag over de beperking van de vrije wil werd daar gesteld door één van de toehoorders.
“OK,” zei ik, “stel je voor dat ik een fiets heb. Deze collegezaal is enorm groot, ik zou hier rond kunnen gaan fietsen. En ik kan fietsen waar ik maar wil, binnen de zaal. Mijn keuze daarin is vrij. Echter, stel nu dat de deur op slot zit. Ik kan, met mijn vrije ‘fietswil’ dan níet buiten de zaal komen. Totdat iemand de deur van buitenaf opendoet. Dan kan ik naar buiten en ook dáár rondfietsen waar ik zelf wil. Ik kan ook weer terug de zaal ingaan, aangezien die deur niet opnieuw afgesloten wordt.”
Logica
In principe is de wil niet minder vrij doordat keuzemogelijkheden beperkt worden. Zolang alle beschíkbare keuzes maar echt gemaakt kunnen en mogen worden. De wil is vrij binnen de grenzen van de logica. Als de deur van de collegezaal in bovengenoemde droom gesloten is, kan ik er vanzelfsprekend niet dwarsdoorheen fietsen. Als hij op slot is, kan ik ook niet afstappen om hem even te openen. Dat is logisch.
Dat Gods genade nodig is om voor Hem te kunnen kiezen, is niet noodzakelijkerwijs in tegenspraak met het bestaan van de vrije wil. Zijn genade is die deur die opengaat en de keuzemogelijkheden uitbreidt. Maar die genade dwingt nooit, we blijven vrij om voor of tegen Hem te kiezen.
Zo spreekt de Heilige, de waarachtige, die de sleutel van David heeft, die opent zonder dat iemand sluit, die sluit zonder dat iemand opent: Ik ken uw daden. Zie, Ik heb voor u een deur opengezet die niemand kan sluiten.
(Op. 3:7-8a)
Geplaatst door kattekliek 
















